Wat doen we met complotdenkers?

Wantrouwen is zo oud als de mensheid. Het steekt op als we in bedreigende situaties belanden waar anderen bij betrokken zijn. Situaties waarvan we de oorsprong niet kennen en waarin we ons onmachtig voelen. Het enige dat ons dan rest is op zoek gaan naar een schuldige. De energie die we in zo’n zoektocht steken, verzacht immers een beetje de vage paniek die in onze onderbuik groeit. We moeten toch iets!

Uitvergroot wantrouwen steekt zo nu en dan de kop op in de vorm van een complottheorie. Dat is een verhaal dat we bedenken over ‘wie ons in moeilijkheden brengt en waarom’. Sinds de digitale media het mogelijk hebben gemaakt om verhalen binnen een paar seconden over de hele wereld te laten reizen, winnen complottheorieën terrein. Het lijken er niet alleen steeds meer te zijn, ze kennen ook steeds meer aanhangers. Zo maar een paar voorbeelden:

  • Er zijn allang aliens op aarde, maar men houdt dat stil (zoek op: Area 51)
  • Het corona-virus is door mensen (China, Amerika, Bill Gates????) ontwikkeld
  • De elite is bezig om van de wereld één totalitaire staat te maken (zoek op: deepstate)
  • Banken willen meer macht over mensen en daarom moet contant geld verdwijnen
  • Ebola is door het Westen ontwikkeld om de te grote bevolking van Afrika te verkleinen
  • Aids is door het Vaticaan uitgezet in hun strijd tegen homofilie
  • De elite doet massaal aan kindermisbruik
  • Er is niets met het klimaat aan de hand, maar ‘ze’ willen onze economie verzwakken

Waarom groeit het aantal complottheorieën?

Eén antwoord op die vraag is: een groeiend aantal mensen vertrouwt de ander niet meer en machthebbers al helemaal niet. In deze anonieme digitale wereld is het aantal fysieke ontmoetingen en persoonlijke gesprekken tussen mensen gedaald. We hebben via social media contact met de hele wereld, maar onze sociale kring is nog nooit zo klein geweest. De wereld individualiseert achter de beeldschermen van computers en telefoons. Dat maakt ons eenlingen in een grote – vaak bedreigende – wereld. Wie en wat we niet kennen, vertrouwen we niet. Dat is van alle tijden. Nu we steeds minder mensen persoonlijk kennen, vertrouwen we dus minder mensen. En als vertrouwen weg is, ligt wantrouwen om de hoek!

Zeker bij mensen die niet tevreden zijn met hun eigen situatie en geen mogelijkheid zien om er zelf verandering in te brengen. Ze voelen zich niet alleen onmachtig, maar ook niet geholpen. De mensen die hen zouden kunnen helpen, doen dat blijkbaar niet. Dat zijn dan dus vijanden!

Hitsige media die elke dag wel ergens ‘schuldigen’ moeten aanwijzen, hebben dat vijanddenken  groot én ‘normaal’ gemaakt. De enorme hoeveelheid, spectaculair gebrachte, ‘schandalen’ die dag in-dag uit worden uitvergroot, leiden tot een steeds groter wantrouwen jegens iedereen die in de spotlights komt. Vooral de elite (mensen die een hogere kennis- of financiële positie in de maatschappij bekleden) wordt zo als ‘vijand’ gebrandmerkt. Dat wordt in crisistijd nog versterkt doordat we van hogerhand impopulaire ‘maatregelen’ krijgen opgelegd.

Geloof jij in een complot?

Het is in het belang van de media dat er veel opzienbarende verhalen rondgaan. Dat trekt immers aandacht. Daarom krijgt iedereen met een -al dan niet verzonnen- verhaal een podium. Of het verhaal klopt zien we later wel weer. Ondertussen is het kwaad geschied en heeft zo’n complotverhaal al vele volgers gevonden. Hun redenering lijkt: “er moet toch iemand de schuld hebben van onze ellende, dus waarom zou zo’n verhaal niet (kunnen) kloppen?”

Toch gelooft niet iedereen in complottheorieën. De vraag is dan: waarom de één wel en de ander niet? Eén antwoord vinden we in de volgende redenatie.

Een complottheorie is een poging om een bedreigende gebeurtenis begrijpelijk te maken én om een schuldige aan te wijzen. Mensen die zich minder bedreigd voelen, zijn dus minder bevattelijk voor dit soort verhalen.

Ook al maken we allemaal hetzelfde mee, de één zal zich eerder bedreigd voelen dan de ander. Dat heeft vooral te maken met het -persoonlijke- gevoel dat je invloed kunt uitoefenen. Vandaar dat complotdenkers vooral gevonden worden onder mensen die het idee hebben dat ze toch niets in de melk te brokkelen hebben.

Wat kunnen we veranderen?

We leven in een informatie-gedreven maatschappij. Om daarin overeind te blijven, moet je in staat zijn om beschikbare informatie te analyseren en feiten van fictie te onderscheiden. Dat leert een mens alleen op school. Kennis is inmiddels een levensbehoefte. Wie geen of onvoldoende kans heeft gehad onderwijs te volgen, ziet in deze informatiejungle al snel door de bomen het bos niet meer en haakt af.

Afhakers zijn zeer gevoelig voor complottheorieën. Je kunt ook zeggen: het zijn gemakkelijke slachtoffers. Het zijn mensen die zich vermalen voelen in de almaar sneller draaiende maatschappij. Maar stel: het is je eigen zoon of dochter. Dan zou je daar toch iets aan willen doen?

We kúnnen ook iets doen! We kunnen met zijn allen investeren in méér en beter onderwijs. Niet voor de allerslimsten, maar juist voor hen die wat méér tijd en aandacht nodig hebben. In plaats van te accepteren dat kinderen in toenemende aantallen vroegtijdig uitstromen op een laag niveau, moeten we ze de kans bieden om op eigen tempo tot een hoger niveau te komen.

Dat moeten ze dan wel willen’, hoor ik je zeggen. Dat klopt en betekent dat wij het onderwijs aantrekkelijker moeten maken voor deze groep. Het betekent dat we af moeten stappen van het elitaire idee dat onderwijs gaat over ‘presteren’. Onderwijs gaat over ‘leven’ en pas als je dat leven leuk genoeg vindt, kun je gaan presteren, op welk gebied dan ook!

Om het simpel te houden: als ik wil dat mijn kinderen geen zwart/wit-denkers worden, zal ik ze nuances moeten laten ontdekken. Als ik wil dat mijn kinderen geen zombies worden die gedachteloos achter een opruiend verhaal aansjokken, zal ik ze moeten helpen om hun eigen  beoordelingsvermogen te ontwikkelen. Dat lukt me pas als ik ze op een speelse manier weet uit te dagen. Op dus naar uitdagend onderwijs!

Hier alvast een prikkelende opdracht voor de klas: bedenk eens een mooi ingewikkeld complot.

Complot-BEDENKERS

Toch vind je ook complotdenkers die wèl zijn opgeleid.
Het zijn echter meestal de bedenkers van een complottheorie.
Zo’n bedenker is niet zelden meteen ook de ‘expert’,

met aanzien onder de aanhangers.
In de media zie je dagelijks vele zelfbenoemde experts genieten van hun
sixty seconds of fame’.
De vraag die ik me daarbij altijd stel is:
zijn ze ook expert zonder die complottheorie?

LINKS

  1. Een aantal complottheorieën
  2. Het Corona-complot
  3. Complotten in een crisis: gouden combinatie
  4. Lubach over de Fabeltjesfuik
  5. Zo kan het ook!
  6. Maarten Reijnders geeft een persoonlijk inkijkje in de complotdenkende keuken
  7. Als je van het complotdenken af wil, moet je dit eens lezen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.